Beschouwing 02-04-2020

Print this entry

Van de nood een deugd maken

Wij kunnen daarvoor ook in de natuur naar gebaren gaan zoeken die ons op weg kunnen  helpen om bij de noden van onze tijd er beter tegen opgewassen te zijn en een helpend tegenwicht te bieden.

Wij zullen die opbouwende en genezende kwaliteiten ook gaan herkennen in de gebaren en de werking van de sacramenten in onze Christengemeenschap. Want die dienen immers niet alleen om elkaar als gemeenschap van levenden èn gestorvenen te ontmoeten, maar ze helpen ons ook om ons individueel ondersteunend te verbinden met de geestelijke werkelijkheid die doorwerkt in al wat ons omringt.

We kunnen gaan zien hoe dat wat in het voorjaar als nieuw leven kan ontspruiten, al eerder aan de aarde werd toevertrouwd.

Er begint bijvoorbeeld een avontuur als je als volwassene een kind helpt met het begraven van een paar Tamme Kastanjes.  Er moet dan geduldig worden gewacht om te zien of er zich uit die donkere grond in het voorjaar een nieuw kiempje zal oprichten naar het zonlicht.

Het kind verwacht vol vertrouwen en blijdschap de goede afloop; het ziet al helemaal voor zich hoe een sterke boom een zak vol kastanjes zal opleveren.

Zelf kun je dan als volwassene de neiging voelen opkomen om die plek te markeren om die te gaan behoeden, bijvoorbeeld tegen droogte, omwoelen of aangetast worden.

We willen het kind immers zo graag teleurstellingen besparen.

Want wij weten uit onze levenservaring dat teleurstellingen en soms zelfs wanhoop mogelijk zijn doordat er in ons aardeleven geen garanties bestaan dat al onze goede intenties ook meteen succesvol zullen zijn. Crises horen nu eenmaal ook bij het aardeleven. De grote vraag, het appel op ons, is of we die vruchtbaar kunnen maken.

Toen de Schepper het mensenwezen de mogelijkheid gaf om op aarde wortel te schieten en zo een ontwikkeling door te maken heeft de Almachtige zijn almacht opgeofferd en de onmacht toegelaten.

Alleen zo kan zich immers een echt vrij mensenwezen gaan ontwikkelen dat zich vrijwillig kan gaan oprichten naar het Goddelijke licht en daardoor op den duur rijpe vrucht dragen, ook voor de wereldontwikkeling.

Ook bij de huidige ernstige gebeurtenissen in de wereld kunnen wij ons soms onmachtig gaan voelen om onze dierbaren of de mensheid te behoeden voor tegenslagen en leed. Maar hopelijk kunnen wij juist daardoor óók gaan leren om onze blik nog meer te gaan richten op wat nu in elk geval wel mogelijk is, zonder de dagelijkse realiteit daarbij te negeren.

Die mogelijkheid is ons gegeven doordat wij bijvoorbeeld in ons zelf een plek kunnen markeren waar wij in ons gebed iets kunnen gaan omvormen, ook in de wereld.

Op die wijze kunnen wij bevorderen dat zich moraliteit, inzicht en kracht gaan ontwikkelen en de juiste keuzes gemaakt gaan worden, zo goed als dat gaat op dat moment.

Els IJsselmuiden